De olieprijs is opnieuw flink gestegen. Door nieuwe aanvallen van de Verenigde Staten en Iran varen er nauwelijks nog schepen door de belangrijke Straat van Hormuz. Dat heeft ook gevolgen voor automobilisten: de brandstofprijzen aan de pomp lopen verder op.
Bron: NOS
De adviesprijs voor een liter benzine ligt inmiddels boven de 2,71 euro. Daarmee is opnieuw een record gebroken. Vorige week werd al de eerdere recordprijs van mei overschreden.

Volgens deskundigen kunnen de prijzen de komende tijd nog verder stijgen. Als de aanvallen aanhouden en de problemen voor de scheepvaart groter worden, kan de prijs van een vat Brent-olie volgens de Amerikaanse bank Goldman Sachs oplopen tot zo’n 120 dollar. De prijs ligt nu rond de 97 dollar.

Onzekerheid blijft groot

De oorlog in Iran zorgt al maanden voor hogere olieprijzen. De Straat van Hormuz is een belangrijke route voor de wereldwijde olietransporten. Door de aanhoudende aanvallen kunnen maar weinig olietankers de zeestraat passeren.

De prijzen aan de pomp bewegen daardoor sterk. Bij berichten over mogelijke gesprekken tussen de Verenigde Staten en Iran daalt de prijs, terwijl nieuwe aanvallen juist voor een stijging zorgen.

Ook diesel en aardgas worden geraakt door de ontwikkelingen. De adviesprijs voor diesel bleef dit weekend staan op ongeveer 2,68 euro per liter, nadat de prijs eerder deze week al flink was gestegen.

Mogelijk tekort aan brandstof

Analisten waarschuwen daarnaast voor een mogelijk tekort aan brandstoffen. Raffinaderijen in het Midden-Oosten en Rusland zijn getroffen, onder meer door aanvallen. Daardoor kan de beschikbaarheid van brandstof voor onder meer schepen en elektriciteitscentrales onder druk komen te staan.

Voor automobilisten betekent de situatie vooral dat tanken voorlopig waarschijnlijk niet goedkoper wordt.